Nazorg bijwerkingen radiotherapie
Achtergronden
Straling heeft niet alleen invloed op kankercellen, maar ook op gezonde cellen. De bijwerkingen zijn afhankelijk van de plaats waar het lichaam bestraald wordt. Bestraling werkt immers alleen in het gebied waar bestraald wordt. Alleen in dat gebied kunnen ook bijwerkingen optreden. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen, andere mensen merken er weinig van. Dit is per patiënt verschillend. Iedere patiënt krijgt op een radiotherapieafdeling persoonlijk advies over de mogelijke bijwerkingen die op kunnen treden en wat zij hier zelf aan kunnen doen. Op veel radiotherapieafdelingen werken diëtisten. Zij kunnen gericht adviezen geven over voeding tijdens de bestralingsserie en bij bepaalde bijwerkingen.
Bijwerkingen die op kunnen treden zijn:
Klik op een van de bijwerkingen om direct naar het onderwerp te gaan.
- Moeheid - Misselijkheid
- Huidreactie - Diarree
- Slikklachten - Haaruitval
- Droge mond
Moeheid
Een algemeen verschijnsel is moeheid. Dit komt doordat het lichaam extra energie verbruikt voor het opruimen van dode kankercellen en het herstellen van de beschadigde, gezonde cellen. Ook de spanningen rondom de ziekte en de behandelingen hebben invloed op de gesteldheid van de
patiënt. De patiënten die last hebben van vermoeidheid kunnen het advies krijgen om tijdens de bestralingen extra rust te nemen en de dagelijkse activiteiten in een langzamer tempo uit te voeren of achterwege te laten als ze te veel vermoeien.
Terug naar begin ↑
Huidreactie
In de loop van de bestralingsserie kan de huid van het gebied dat bestraald wordt rood worden. De huid wordt vaak droog, waardoor het gaat schilferen en jeuken. Ook wordt de huid donkerder, doordat er extra pigmentatie ontstaat. Het kan zijn dat uiteindelijk blaren ontstaan en er een wond ontstaat. Huidreacties treden het sterkst op in huidplooien, bijvoorbeeld de liezen en de oksels, en bij operatielittekens.
Voor de verzorging van de huid bij huidreacties kunnen over het algemeen op de radiotherapieafdelingen de volgende adviezen gegeven worden.
- Was de bestraalde huid niet met zeep
- Dep de bestraalde huid droog (dus niet wrijven)
- Poeder de bestraalde huid één tot twee keer per dag met ongeparfumeerde talkpoeder.
- Plak geen pleisters op de bestraalde huid.
- Stel de bestraalde huid niet bloot aan direct zonlicht.
- Gebruik geen aftershave of deodorant in het bestraalde gebied.
- Bij wondjes of een open huid kunt u het beste eerst met een laborant of radiotherapeut overleggen of er nog gepoederd moet worden.
Terug naar begin ↑
Slikklachten
Als een deel van de hals of slokdarm wordt bestraald, kunnen slikklachten optreden.
Om de ontstane klachten te verminderen kunnen over het algemeen op de radiotherapieafdelingen de volgende adviezen gegeven worden.
- Niet roken
- Geen alcoholische dranken
- Gebruik niet te heet eten en drinken. Laat het eerst een beetje afkoelen, voordat u het eet en drinkt
- Maak het eten goed fijn en drink erbij.
- Koude dranken of ijs kunnen heel prettig zijn.
- Gebruik geen scherpe specerijen of sterk gezouten voedsel.
Terug naar begin ↑
Droge mond
Als het te bestralen gebied de mondholte omvat, kunnen daarbij de speekselklieren getroffen worden. Daardoor zal er minder speeksel geproduceerd worden, met het gevolg dat de patiënt een droge mond krijgt. De smaak en de reuk worden vaak ook minder. Hierdoor ontstaat tegenzin in eten. Om de ontstane klachten te verminderen kunnen over het algemeen op de radiotherapieafdelingen de volgende adviezen gegeven worden.
- Drink vaak kleine slokjes, om de mond vochtig te houden
- Spoel het eten weg met vocht.
Terug naar begin ↑
Misselijkheid
Patiënten die op de buik worden bestraald, kunnen al gauw last krijgen van misselijkheid. Vooral als de maag in het te bestralen gebied ligt, is misselijkheid een veelvoorkomende bijwerking. Om de ontstane klachten te verminderen kunnen over het algemeen op de radiotherapieafdelingen de volgende adviezen gegeven worden.
- Eet licht verteerbaar voedsel.
- Eet één uur voor de aanvang van de bestraling tot één uur na de bestraling niet.
- Eet vaker kleinere hoeveelheden.
Terug naar begin ↑
Diarree
Liggen de darmen in het bestralingsgebied, dan kan de patiënt last krijgen van darmkrampen en diarree. De ontlasting kan slijmerig zijn en gepaard gaan met wat bloedverlies. Om de ontstane klachten te verminderen kunnen over het algemeen op de radiotherapieafdelingen de volgende adviezen gegeven worden.
- Veel drinken, minimaal 1,5 liter per dag.
- Eet vaker dan normaal en in kleine porties.
- Vermijd voedsel met grove vezels.
- Vermijd gasvormende producten (prei, ui, kool).
Terug naar begin ↑
Haaruitval
Wanneer de patiënt wordt bestraald op een plaats waar haargroei is, kan het haar daar uitvallen. Kaalheid ontstaat dus niet bij elke bestralingsbehandeling.
Terug naar begin ↑
