TERUG NAAR LIJST
.

Andere achtergronden

CT-scan

Achtergronden

De afkorting CT staat voor Computed Tomografie.

Computed 
Met een computer worden beelden berekend, voor en nabewerkt die gemaakt zijn met een scanner. Deze computer staat op de scanner aangesloten en zorgt voor de invoer en uitvoer van informatie van de CT. Met deze computer wordt de scanner dus bediend.

 

Tomografie
ct_scannerDeze scanner is eigenlijk niets anders dan een apparaat dat röntgenstraling uitzendt terwijl hij om de patiënt heen draait (tomos =  snede). Nu we weten waar de naam voor staat, kunnen we iets dieper in het apparaat gaan kijken. Zoals u op de foto hiernaast ziet, lijkt het alleen een groot blok met een gat erin. Het werkende gedeelte zit nou juist in dat vierkante blok. In dit blok zit een ring (rails) waaraan een röntgenbuis is bevestigd. Dit is eenzelfde röntgenbuis als waarmee de gewone foto's gemaakt worden op de röntgenafdeling (bijvoorbeeld van de hand of voet). Het verschil is dat in een CT deze röntgenbuis om het gat in het apparaat draait. Op de ronde rails van de röntgenbuis zitten tientallen detectoren. Deze detectoren kunnen straling en de hoeveelheid daarvan precies meten.

 

Stelt u zich nou eens voor dat u met de buik in het ronde gat van de CT ligt. Om een plaatje van uw buik te krijgen hoeft de computer maar een aantal dingen te weten:

ctthorax_400Hoeveelheid van de straling die de röntgenbuis uitzendt. Hoeveelheid verzwakte straling die aan de overkant van de röntgenbuis door de verschillende detectoren opgevangen wordt. De positie van de röntgenbuis en de positie van de detector in de ring op het moment van het maken van het plaatje. Uw buik verzwakt de straling en dat wordt gemeten door de detector. Omdat de röntgenbuis in een snel tempo om u heen draait krijgt de computer van al die detectoren om u heen informatie over hetzelfde deel van uw buik. Het enige verschil is dat het steeds vanuit een andere hoek bekeken wordt. Als de computer al die gegevens heeft verzameld, gaat hij  berekeningen uitvoeren. Hiervoor wordt het gedeelte van uw lichaam waar de camera 
omheen heeft gedraaid, als een plakje (coupe) weergegeven en in hele kleine blokjes ingedeeld. Door de mate van verzwakking van de straling  voor elk hokje te bekijken, kan de computer de dichtheid van elk hokje 
berekenen. Elk hokje wordt immers meerdere malen vanuit verschillende posities bekeken.

De weefsels in het lichaam hebben verschillende dichtheden. Het bot heeft bijvoorbeeld een veel hogere dichtheid dan de lever of de bloedvaten. Eventuele afwijkingen in een plaatje verschillen van grijstint met het 
omringende weefsel. Bijvoorbeeld een ontsteking in de lever (waar vaak vocht bij zit) heeft een andere dichtheid dan het leverweefsel en daardoor ook een andere grijstint dan het omringende weefsel. 
Om ervoor te zorgen dat de computer van de CT tijdens het onderzoek de juiste gegevens krijgt, is het belangrijk dat u tijdens het maken van de plaatjes zo stil mogelijk blijft liggen.